Overzicht lezingen

Datum

Spreker/spreekster  

Onderwerp

Sep 15

Victor Gijsbers

Oneindigheid
Hoe te leven als nietige stipjes in een eindeloos heelal?

Okt 20

Henri Krop

Spinoza een mysticus?
Over Spinoza’s drie kennisbronnen en hun waardering

Nov 17

Ronald van Raak

Geen land van grote woorden?
Geschiedenis van de filosofie in Nederland

Dec 15

Margreet de Zeeuw

Van de zuivere ervaring naar abstracte kennis
Over het denken van de Japanse filosoof Kitaro Nishida

Jan 19

Henk de Regt

Het geheel is meer dan de som der delen
Over de filosofie van emergentisme

Zaterdag 20 feb

Onze vereniging bestaat 120 jaar!
Lustrumprogramma met mini-symposium, aanbieding van lustrumboek, receptie en feestelijke borrel. Locatie: Zaal 3, De Constant Rebecqueplein 20a, Den Haag. Tijd: 14u00 – 19u00.

Mrt 16

Dick Timmer

Verdelende rechtvaardigheid
Over de grondslagen van de economisch theorie

Apr 20

Woei-Lien Chong

Voorbij het (be)heersende denken
De filosofie van Otto Duijntjer

Mei 18

Kristien Hemmerechts

‘Het is de plicht van iedereen om wijsgerig te worden.’
Over het denken van Leopold Flam

Victor Gijsbers: Oneindigheid.

15 september 2026

Hoe te leven als nietige stipjes in een eindeloos heelal?

Wij mensen zijn te beklagen: we weten niet alles, we kunnen niet alles, we zijn slechts nietige stipjes in het eindeloze heelal, en tot overmaat van ramp zullen we spoedig sterven. Zo kan de eindigheid van de mens gemakkelijk aanleiding zijn tot gevoelens van zinloosheid en wanhoop.
Maar zijn zulke gevoelens terecht?

Filosofen denken al lang na over onze plaats in een oneindige wereld, en in deze lezing gaan we kennis maken met enkele van hun ideeën. Kunnen we het oneindige begrijpen? Is het universum oneindig? Hoe moeten we leven in een universum waarbij we in het niet vallen? Kan ons handelen daar wel waarde hebben? Zou het fantastisch of juist verschrikkelijk zijn als er in de oneindige ruimte eindeloos veel kopieën van ons rondlopen? En zou onsterfelijkheid een verbetering voor ons zijn, of nog veel rampzaliger dan ons eindige leven?

We proberen deze vragen te beantwoorden met hulp van een breed scala aan denkers, waaronder Zeno, Aristoteles, de Franse anarchist Louis-Auguste Blanqui en moderne denkers zoals Bernard Williams.

Dr. Victor Gijsbers doceert wijsbegeerte aan de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek gaat over thema’s als tijd, causaliteit en kennis. Hij heeft ook historische interesse, in het bijzonder in Immanuel Kant en Mary Shepherd. In 2022 verscheen zijn vertaling van Wittgensteins Tractatus. Het in 2025 verschenen boek Oneindigheid: een filosofische gids stond op de shortlist van de Socratesbeker van dat jaar.

Henri Krop: Spinoza een mysticus?

20 oktober 2026

Over Spinoza’s drie kennisbronnen en hun waardering.

Spinoza erkent in Ethica II drie kennisbronnen: verbeelding, redenering en intuïtief weten. De delen 3-5 laten zien wat een leven geleid door respectievelijk verbeelding, rede en scientia intuitiva inhoudt. Ook speelt de verbeelding in zijn politieke werken een belangrijke rol.

In de geschiedenis van het spinozisme wordt over het algemeen de nadruk gelegd op de tweede kennissoort en geldt hij als een ‘rationalist’. Bennett (1984) in zijn Ethicacommentaar bijvoorbeeld noemde deel 5 ‘rubbish’, omdat het uitgaat van de derde kennissoort, wat tot een onbegrijpelijk mysticisme leidde. Ook al zijn sinds de jaren zestig succesvolle pogingen gedaan tot rehabilitatie van de ‘ervaring’, de derde vorm van kennis krijgt recent nog steeds weinig aandacht. Alleen het interbellum vormt een uitzondering.

Denkers, vooral verbonden met Den Haag, zoals Carl Gebhardt(1881-1934), J.H. Bierens de Haan (1866-1943) en J.H. Carp (1893-1979) richtten zich wel op het intuïtieve weten en zij vertegenwoordigen een zogenoemde ‘mystieke’ richting in het Spinozisme. Wat bracht hen ertoe de derde kennissoort bij hun lezing van Spinoza centraal te stellen en wat kunnen we van hen leren?

Prof. dr Henri Krop (1954) studeerde in Leiden filosofie en theologie. Hij promoveerde in 1987 op de middeleeuwse wijsgeer Johannes Duns Scotus. Tussen 1988 en 2021 was hij universitair docent Geschiedenis van de wijsbegeerte en bijzonder hoogleraar Spinoza-Studies aan de Erasmusuniversiteit. Hij publiceerde onder meer: De Draagbare Spinoza (1992), Spinoza Ethica (2002) en Spinoza een paradoxale icoon van Nederland (2014).

Ronald van Raak: Geen land van grote woorden?

17 november 2026

Geschiedenis van de filosofie in Nederland.

In Geen land van grote woorden biedt Ronald van Raak een levendige kennismaking met een Nederlandse denktraditie van duizend jaar. Met filosofen die werden vereerd en verguisd, maar allemaal hun stempel drukten op het denken in ons land.

Aan bod komen iconen als Erasmus en Spinoza, maar ook denkers als Hadewijch, Thomas a Kempis, Rudolf Agricola, Jacob Moleschott en Philip Kohnstamm – en vele anderen. Mensen die invloedrijk waren, maar deels uit ons collectieve geheugen zijn verdwenen. In een grote verscheidenheid aan ideeën signaleert Van Raak als rode draad een christelijk humanisme, dat was gericht op het recht om zelf na te denken en op de vraag hoe het vrije denken kon samengaan met een vreedzaam samenleven. 

De geschiedenis van de filosofie in Nederland blijkt ook een spiegel: welke ideeën kregen in ons land de ruimte, en welke niet? En wat zegt dat over wie wij wilden zijn? Geen land van grote woorden biedt een originele introductie in een verrassend rijke traditie van denken in Nederland.

Prof. dr. Ronald van Raak is hoogleraar ‘Filosofie in Nederland’, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR). Daarnaast is hij raadslid bij de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB). Van Raak was lid van de Eerste Kamer (2003-2006) en Tweede Kamer (2006-2021), voor de SP. 

Margreet de Zeeuw: Van de zuivere ervaring naar abstracte kennis

15 december 2026

Over het denken van de Japanse filosoof Kitaro Nishida.

Kitarō Nishida (1870-1945) wordt gezien als de eerste moderne Japanse filosoof en grondlegger van de Kyotoschool. In zijn filosofie probeerde hij westerse filosofie en zenboeddhisme te combineren. Zijn doel was om tot een structuur van de werkelijkheid te komen die recht doet aan de rijkdom van de menselijke ervaring.

 

Nishida’s filosofie wordt vaak in drie fasen ingedeeld. De vroege fase begint in 1911 met de publicatie van zijn boek An inquiry into the good, met als belangrijkste concept de zuivere ervaring. Voor Nishida bestaat de werkelijkheid als zuivere ervaring, als één enkele eenheid. De middenperiode begint met zijn essay Basho (Japans voor plaats) uit 1926. In dit essay werkt hij een ‘logica van basho’ uit, een kennisleer waarin we in een spiralende beweging tot steeds diepere vormen van weten kunnen komen. Om iets te kunnen kennen moet het ergens in ons bewustzijn een plaats hebben, de basho. In zijn laatste fase gaat hij meer aandacht besteden aan geschiedenis en het sociale domein. Kernbegrip uit deze fase is ‘action-intuition’, het concrete handelen van bewuste, creatieve individuen in een creatieve, historische wereld.

 

In de lezing wordt eerst een korte schets gegeven van de ontwikkeling en kenmerken van de Japanse filosofie. Vervolgens wordt de ontwikkeling van Nishida’s denken besproken, waarbij steeds de relatie wordt gelegd met relevante westerse filosofen: William James/Wilhelm Wundt, de neokantianen en Wilhelm Friedrich Hegel. 

 

Drs. Margreet de Zeeuw studeerde economie aan de VU in Amsterdam en filosofie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Naast haar werk als (project)manager in het openbaar vervoer onderzoekt zij als buiten-promovendus de crisis in de hedendaagse theoretische fysica. Deze analyseert zij aan de hand van de wetenschapsfilosofie van Edmund Husserl, Martin Heidegger en de Japanse filosoof Kitarō Nishida. Zij geeft filosofiecursussen bij Radboud Reflects en aan de Internationale School voor Wijsbegeerte (ISVW) in Leusden.

Henk de Regt: Het geheel is meer dan de som der delen

19 januari 2027

Over de filosofie van emergentisme.

Emergentisme is de filosofische opvatting dat nieuwe eigenschappen, patronen of verschijnselen kunnen ontstaan uit complexere vormen van organisatie, zonder dat die eigenschappen volledig te herleiden zijn tot de losse onderdelen. Kort gezegd: Het geheel is méér dan de som van de delen. Bekende voorbeelden zijn leven en bewustzijn, verschijnselen die niet geheel te verklaren zijn uit respectievelijk de afzonderlijke atomen en moleculen van een orgaan of de neuronen in de hersenen. Maar ook taal, moraal of cultuur kunnen daartoe worden gerekend.

Deze lezing gaat in op de verschillende vormen van emergentie en op de toegevoegde waarde van deze zienswijze naast de gebruikelijke reductionistische benadering. Bij die laatste gaan we ervan uit dat het geheel wel volledig te verklaren is vanuit de delen (ontologisch reductionisme) of dat één principe of theorie ten grondslag ligt aan alle gebeurtenissen in de werkelijkheid (epistemologisch reductionisme).

Prof. dr Henk W. de Regt is hoogleraar Filosofie van de natuurwetenschappen aan de Radboud Universiteit. Hij is verbonden aan het Institute for Science in Society. Zijn centrale onderzoeksvraag is niet alleen: ‘Hoe verkrijgen we wetenschappelijke kennis?’, maar vooral: ‘Wanneer begrijpen we iets werkelijk?’ Zijn bekendste boek is Understanding Scientific Understanding (2017). Het boek kreeg internationaal erkenning en won de Lakatos Award 2019, een b

Onze Vereniging voor Wijsbegeerte bestaat 120 jaar!

Zaterdag 20 februari 2027

Mini-symposium over de toppen van oosters en westers ‘Denken over denken’.

Lustrumprogramma met mini-symposium, aanbieding van lustrumboek, receptie en een feestelijke borrel.

Locatie: Zaal 3, De Constant Rebecqueplein 20a, Den Haag.

Tijd: 14u00 – 19u00. Uitnodiging aan leden volgt.

Dick Timmer: Verdelende rechtvaardigheid.

16 maart 2027

Over de grondslagen van de economisch theorie.

Een veelbesproken maar ook vaak verkeerd begrepen begrip in het politieke debat is dat van ‘herverdeling’. Wanneer over ongelijkheid wordt gesproken, gaat het al snel over belastingen, inkomensverschillen en de vraag of de overheid geld van de één aan de ander mag geven. Maar wat staat er filosofisch eigenlijk op het spel wanneer we spreken over herverdeling? In deze lezing laat Dick Timmer zien dat discussies over herverdeling altijd rusten op diepere ideeën over gelijkheid, eigendom en rechtvaardigheid. Daarbij bespreekt hij verschillende filosofische theorieën die op de achtergrond ons sociaal-economisch denken bepalen, van klassieke opvattingen over eigendom en vrijheid tot hedendaagse egalitaire theorieën over verdelende rechtvaardigheid.

Een centraal thema in de lezing is de vraag of er ook grenzen zouden moeten zijn aan rijkdom. Vanuit recente filosofische discussies over limitarisme — het idee dat extreme rijkdom moreel problematisch kan zijn — onderzoekt Timmer of en waarom een samenleving een bovengrens aan rijkdom zou kunnen rechtvaardigen. Wat betekent het wanneer sommige mensen meer dan genoeg hebben terwijl anderen moeite hebben hun bestaan zeker te stellen? Door deze vragen te verbinden met het bredere filosofische debat over gelijkheid laat de lezing zien dat het debat over herverdeling uiteindelijk draait om een fundamentelere kwestie: hoe we een samenleving vormgeven waarin mensen werkelijk als gelijken met elkaar kunnen leven.

Dr. Dick Timmer is universitair docent politieke en morele filosofie aan de Technische Universiteit Duitsland. Hij houdt zich bezig met thema’s als verdelende rechtvaardigheid, gelijkheid, morele status en onze verplichtingen aan toekomstige generaties. Hij publiceert en verschijnt regelmatig in diverse media, waaronder het De Groene Amsterdammer, NRC Handelsblad, Radio 1 en De Volkskrant. In 2025 verscheen zijn boek Sommige mensen zijn te rijk. Over wat gelijkheid écht betekent en hoe we dat bereiken (De Geus).

Woei-Lien Chong: Voorbij het (be)heersende denken

20 april 2027

De filosofie van Otto Duijntjer.

In een inleiding op zijn beroemde Kritiek van de zuivere rede schrijft Immanuel Kant dat het David Hume was die hem uit zijn dogmatische sluimer wekte en zijn denken een totaal andere richting gaf. Daarmee was Hume verantwoordelijk voor een nieuwe wending in onze westerse filosofie op gebieden als kennistheorie, ethiek, antropologie, godsdienstfilosofie.

Wie was deze David Hume? Wat onderscheidt zijn denken? Hij leidde een boeiend en aangenaam leven, maar kende ook twee grote crises: hij verloor zijn geloof in God en zijn vertrouwen in de rede. Hoe kwam hij die te boven? Waarom vond hij dat begrippen als causaliteit, substantie, God en ziel ‘het vuur in kunnen’? Hoe kan het dat een van de grootste Verlichtingsdenkers niet meer dan een bescheiden plek aan de rede toedichtte: zij helpt ons te bereiken wat we verlangen, maar zij bepaalt nimmer wat wij verlangen?

Dr. Ton Vink studeerde filosofie, psychologie, godsdienstwetenschappen en geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij vertaalde David Hume’s Gesprekken over de Natuurlijke Religie, waarop hij eerder promoveerde, en enkele Engelstalige publicaties over Hume. Verder publiceerde hij Humanisme en Verlichting en de postume essays van David Hume (2009), Een leven als ‘man of letters’. Biografie van David Hume (2022) en David Hume. Essays & Verhandelingen (2024).

Kritstien Hemmerechts: ‘Het is de plicht van iedereen om wijsgerig te worden.’

18 mei 2027

Over het denken van Leopold Flam.

‘Het is de plicht van iedereen om wijsgerig te worden.’ Dit noteerde Leopold Flam in zijn dagboek op 11 oktober 1928, hij is dan zestien jaar oud en leest met grote gretigheid de geschriften van Spinoza, Descartes, Hegel, Marx en Plato, later ook van Leibniz, Rousseau, Nietzsche, Kant … Hij hunkerde naar kennis van de Waarheid en zag zichzelf als ‘een bloedverwant van de filosofen uit het verleden’, die ‘hun erfenis te verrijken en te beleven had’. De invloed van Hegel zou van doorslaggevende invloed blijken, met name diens rotsvaste geloof in de kracht van de geest.

Die geest ‘droeg’ Flam door de verschrikkingen van de holocaust en hielp hem strijden tegen wat hij de chaos van ‘de morele ontbinding’ noemde. In een fascinerende dialoog tussen de door hem bewonderde filosofen én zijn eigen ervaringen ontwikkelde hij een visie waarin hij hamerde op individuele verantwoordelijkheid voor alle aspecten van het bestaan, op het belang van de protesterende stem en op de triomf van de uitgestotene. Behalve leven en temperament van Flam komt aan de orde wat hij onder zelfonderzoek, authenticiteit en morele verantwoordelijkheid verstaat, wat het belang daarvan is en hoe dat in de praktijk kan worden gebracht.

Dr. Kristien Hemmerechts studeerde Germaanse filologie en promoveerde op een proefschrift over de schrijfster Jean Rhys. Zij was docente Engelstalige literatuur en creatief schrijven aan de Universiteit van Leuven en aan het Conservatorium van Antwerpen. Ook schreef ze romans, essays, korte verhalen en non-fictie boeken, die deels werden vertaald en bekroond. Per toeval kwam zij op het spoor van de dagboeken van Leopold Flam, bedelaarszoon, holocaust-overlever, filosoof, verzetsman, communist, vrijmetselaar, schrijver. Haar fascinatie voor hem resulteerde in twee boeken: Ik zal alles verdragen, ook mezelf (2023) en En altijd is het de vrouw, het bewogen leven van Leopold Flam (2025).